Verhalen

Innovation Powerhouse : voormalig gebouw TR

Door 6 december 2018 Geen reacties

Strijp T

Strijp was ooit het centrum van productie en ontwikkeling van Philips in Eindhoven. Een groot deel van de oude terreinen; Strijp-S, Strijp-R en Vredenoord aan de Boschdijk worden herontwikkeld tot woonwerkgebieden. Daarentegen is Strijp T, al vanaf de ontwikkeling in de jaren ‘50, een strategisch goede plek om zich verder te ontwikkelen tot een gebied waar de (creatieve) maakindustrie zich kan ontplooien. Zo was Strijp T in 1960 volledig operationeel en ondersteunend aan verschillende sectoren van Philips, waaronder de fabricage van beeldbuizen.

Het oude Philips-fabrieksterrein Strijp-T ondergaat een ingrijpende vernieuwing en wordt duurzamer en groener. T wordt geen concurrent voor de TU Campus, de High Tech Campus, Strijp-S of de nog te bouwen Brainport Industries Campus. De terreinen gaan elkaar versterken. Een student van de TU die een bedrijfje wil beginnen, start vaak op de universiteitscampus. Daarna groeit hij door naar Strijp-S of HTC. Op het moment dat bijvoorbeeld prototypes gebouwd moeten worden, kom je als doorgroeiend bedrijf eerder bij Strijp-T uit. T gaat letterlijk verder waar S ophoudt. Bedrijven kunnen doorgroeien hier. En als ze te groot worden? Dan is op Strijp-T nog plaats voor nieuwbouw of komt de BIC in zicht.

Voormalige energiecentrale

TR is de originele energiecentrale van Phillips uit 1958. Dit icoon van Eindhoven heeft na jaren leegstand weer een nieuwe functie gekregen en daarmee een nieuw leven als het “Innovation Powerhouse”, een bedrijfsverzamelgebouw voor de creatieve maak-industrie. Een gebouw waar verschillende innovatieve bedrijven een community vormen, elkaar ontmoeten en elkaar inspireren.

Energiecentrale TR (ontwerp 1951, architect Philips Bouwbureau) is een gemeentelijk monument. Het complex is gefaseerd ontstaan. Eén schoorsteen werd gebouwd met een kolentransportgebouw van twee traveeën. Dit werd in 1956 en 1960 twee keer uitgebreid met 2 traveeën in de lage achter- en voorbouw. In 1970 werd de turbinehal oostelijk uitgebreid. Al deze uitbreidingen werden geheel in de oorspronkelijke stijl voltrokken. De bouwwijze is een hybride samenstelling van betonnen skeletbouw, stalen vakwerken, metselwerk en een interieur uit stalen elementen. Alle kozijnen en ramen zijn met stalen profielen gemaakt. De functionele ordening van de bouwlichamen in opeenvolgende richting, de tekening op die volumes van bouwstructuur en raamopeningen, brengen de hoge architectuurhistorische waarde op.

Het gebouw was bedoeld om Philips van energie te voorzien. In deze periode doorliep de energiecentrale verschillende unieke fases: het gebruikte kolen als energiebron, gevolgd door olie, afval en uiteindelijk gas. De energiecentrale was eigendom van Essent. Die produceert er nog steeds energie en warmte.

Architectuur

Vanaf de Zwaanstraat is de opbouw van het complex af te lezen. Het hoge smalle gebouw heeft in beide gevels een opgaande en bovenin een liggende strook met kleine ramen. Hierachter bevond zich het verticale en horizontale kolentransport. Achter de hoge ramen aan de zuidzijde waren de bunkers en stortkokers opgesteld die de stookketels met kolen vulden. Dit hoge gebouw is opgetrokken als een betonnen skeletbouw die opgevuld is met lichtgele baksteen. De zone aan de westelijke kant met het verticale kolentransport is trapeziumvormig in plattegrond. Noordelijk aan dit hoge maar zeer ondiepe gebouw staat het vijflaagse ketelhuis, in stalen vakwerk opgetrokken. Daarin zijn smalle en hoge ramen, gevat in geel metselwerk voorzien.
Hier weer noordelijk aansluitend staan twee hoge schoorstenen waar de stoom kon ontsnappen. Deze zijn in rode baksteen opgetrokken. Zuidelijk vóór het hoge gebouwdeel staat een drielaagse vlakke turbinehal.

76 meter hoog zijn ze, de tweelingschoorstenen op Strijp T in Eindhoven (TQQ1 en TQQ2). Ze dateren uit 1948 en 1953 en zijn gebouwd door de firma Canoy-Herfkens. Het zijn de meest imposante tweelingschoorstenen die er nog staan in Nederland, volgens deskundige Arjen Barnard.

De verbouwing is gerealiseerd naar ontwerp van de architectencombinatie van Margriet Eugelink (Eugelink Architectuur), Stefan de Bever (De Bever Architecten) en Janne van Berlo (Atelier Van Berlo). Opvallend in het ontwerp is de centrale lichtstraat in de lengte van het gebouw. Daar is een deel van het plafond vervangen door glas, waardoor er veel licht binnenvalt en de hoogbouw te zien is. Ook is het hoge gedeelte van het gebouw ‘afgemaakt’ met een stalen spant waar de noodtrappen in zijn aangebracht. Alle kantoren in de hoogbouw hebben toegang tot de open hoek waar ze een mooi uitzicht over Strijp-S genieten. Apart zijn verder de kantoren in de oude betonnen kolenstortkokers die daarvoor voorzien worden van lichtopeningen. Op de bovenste verdieping vestigt zich een bedrijf dat aan cityfarming doet, stadslandbouw in een industrieel gebouw met continue paarse verlichting.

Stedenbouwkundige waarden

De bouwrichting van energiecentrale TR en daarmee Strijp-T werd bepaald door de spoorlijnen, die zorgden voor aanvoer van kolen. Het uitgebreide voorterrein, dat voor busvervoer en personeeltransport diende, verenigt op deze manier TR (en daarachter Strijp T) met de kolossale orde van de op poten gezette Beukenlaan, het “Strijps Bultje”. Dit staat in scherp contrast met de arbeidershuizen van de Schootsestraat en Zwaanstraat, een kleinschalige woonomgeving op menselijk schaal. De expansie van Philips en daarmee zijn uitbreiding van Strijp S naar Strijp T, levert hier een contrastrijke stedenbouwkundige karakteristiek en stadshistorische markering en geeft het Strijp-T complex een waardige, zelfs monumentale aankondiging.

Het ontwerp van gebouw TR is hèt symbool van de stormachtige ontwikkeling die het Philipsbedrijf rond 1950 heeft doorgemaakt. De televisie gaat massaal geproduceerd worden en daaruit ontstaat een geheel nieuwe loot aan het Philipsbedrijf. Alle gebouwen in Strijp-T waren ondersteunend aan deze productie; een eigen energievoorziening, glaslaboratorium, proeffabriek voor televisies, papierfabriek, machinefabriek, kantoren, watervoorziening, etcetera.

Fabrieksschoorstenen

De geschiedenis van fabrieksschoorstenen is nauw verweven met die van de industrialisatie. Eindhoven neemt zelfs een aparte plek in, stelt Barnard: ,,De oudste Eindhovense nog bestaande schoorsteen is die bij de eerste Philipsfabriek uit 1869 met kort daarna die van de brouwerij Van Zeeland uit 1884 aan de Kanaaldijk Zuid, ter hoogte van de Havenstraat”.

Een heel bijzondere is de relatief jonge schoorsteen van de Campinafabriek uit 1958 tussen Dirk Bootslaan en Kanaaldijk Zuid. ,,Dat is de enige gele schoorsteen in Nederland waarin blauwe letters zijn ingemetseld. Andere kleuren kwamen meer voor, en gele schoorstenen zijn veel zeldzamer dan rode.”

Eindhoven is de enige stad in Nederland die nog vier hoge, gemetselde schoorstenen van boven de 50 meter kent. ,,Het is bovendien de stad met de grootste c.q hoogste gemetselde tweeling ooit in Nederland gebouwd, die op Strijp T, en deze torens staan er bovendien nog steeds.

Een fraaie vorm van hergebruik van torens is die van de schoorsteen van de Ventoseflat, die jaren geleden opnieuw is opgebouwd op de basis uit 1875. En laten we de toren/schoorsteen bij het station ook niet vergeten.”